Categorie afbeelding

SEKSUALITEIT

Seksualiteit is een belangrijk onderdeel van het leven en van een relatie. Biologische, psychologische en sociale factoren hebben allemaal invloed op seksualiteit.


Kies een onderwerp voor meer informatie

Seksualiteit algemeen

Seksualiteit omvat de hele cyclus van verlangen, opwinding, orgasme en ontspanning. Het biologische aspect van seksualiteit betreft de anatomie en werking van de geslachtsorganen. Het psychologische aspect betreft de persoonlijke beleving van seksualiteit. Het sociale aspect betreft culturele, maatschappelijke, en relationele factoren.


Seksualiteit bij een dwarslaesie

De neurologische aansturing van de geslachtsorganen is ingewikkeld. Het is vaak moeilijk te voorspellen in welke fasen van de seksuele respons cyclus (opwinding, orgasme) problemen zullen optreden na een dwarslaesie. Bij een complete dwarslaesie is de situatie nog het duidelijkst, en is de hoogte van de dwarslaesie bepalend. Bij een incomplete laesie zijn de gevolgen onvoorspelbaar.

Seksualiteit kan daarnaast ook indirect verstoord worde door bijkomende problemen zoals vermoeidheid, angst voor incontinentie, verminderde beweeglijkheid, depressieve klachten, pijn en/of relatieproblemen ten gevolge van de dwarslaesie.


Veelvoorkomende problemen en oplossingen

Een dwarslaesie leidt vaak tot seksuele disfunctie zoals erectiestoornissen, stoornissen in de lubricatie en ejaculatiestoornissen. Naast biologische processen is ook de beleving verstoord.


Vruchtbaarheid en zwangerschap

Naast de beschreven veelvoorkomende problemen, kan een dwarslaesie bovendien effect hebben op zwangerschap, bevalling en borstvoeding.


Bronnen en verder lezen

Naast de bronnen die in de totstandkoming van de Wiki zijn genoemd, zijn voor het hoofdstuk over seksualiteit een aantal specifieke bronnen geraadpleegd. Deze bronnen zijn hier te vinden. Tevens kun je hier meer lezen over wetenschappelijk onderzoek rondom dit thema.


  • Seksuele respons cyclus
    • De seksuele respons cyclus is het proces dat doorlopen wordt bij het hebben van seks. Dit kan uitmonden in geslachtgemeenschap, maar dat is niet altijd zo. Het bestaat uit een aantal fases, achtereenvolgens:

      • De fase van het verlangen (libido). Zin in seks ontstaat vaak door een seksuele prikkel. Dit kan van alles zijn, van aangeraakt worden tot ergens over fantaseren.
      • De opwindingsfase: het lichaam bereidt zich voor op de geslachtsgemeenschap. Voor de man betekent dit dat de penis stijf wordt (erectie) en voor de vrouw dat de vagina vochtig wordt (lubricatie).
      • De plateaufase: tijdens deze fase is de opwinding het grootst.
      • Orgasme: dit is de zaadlozing (ejaculatie) bij de man en ritmische contracties van de baarmoeder bij de vrouw.
      • De ontspanningsfase: tijdens deze fase verdwijnt de opwinding en ontspant het lichaam.
      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:52  
  • Psychologische aspecten van seksualiteit
    • De hersenen spelen een belangrijke rol bij seksualiteit. Alleen het denken aan iets seksueels kan al leiden tot een erectie en/ of lubricatie (psychogeen). Andersom kunnen de hersenen het gevoel van opwinding ook onderdrukken, en er zo voor zorgen dat je niet (of slechts gedeeltelijk) opgewonden raakt wanneer dit niet gepast is.

      Om zin in seks te krijgen, moet je openstaan voor seksuele prikkels en heb je de juiste prikkels nodig. Dit is voor iedereen verschillend en is zelfs afhankelijk van het moment. In welke mate je je op je gemak voelt bij de ander, hoe je die dag in je vel zit en of je je durft over te geven aan deze zin zijn daarbij allemaal belangrijk.

      De beleving van seksualiteit heeft ook veel te maken met hoe je je eigen lichaam ziet (lichaamsbeeld), hoe je naar jezelf als persoon kijkt en jezelf waardeert (zelfbeeld), maar ook wat voor jou de betekenis is van seksualiteit. Deze laatste is weer van allerlei andere dingen afhankelijk, zoals leeftijd, levensfase, persoonlijkheid, opvoeding en cultuur.

      Verder zijn positieve ervaringen met seksualiteit in het verleden belangrijk bij hoe je seksualiteit nu beleeft. Daarbij is het van belang dat je je veilig voelt bij de ander en dat er wederzijds vertrouwen en respect is. Een negatieve ervaring in het verleden (dat kan uiteenlopen van iets gedaan hebben wat je eigenlijk niet wilde tot ernstig misbruik) leidt vaak tot negatieve associaties met seksualiteit en problemen met het starten van nieuwe seksuele relaties.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:53  
  • Sociale aspecten van seksualiteit
    • Seksualiteit vindt vaak plaats binnen een relatie. Een relatie heb je niet alleen. Communicatie, sociale vaardigheden en de rolverdeling zijn belangrijk binnen een relatie. In een goede relatie kun je jezelf zijn en hoef je niet te voldoen aan verwachtingen van anderen. Bovendien kun en mag je in een intieme relatie je eigen gevoelens (zowel positief als negatief) laten zien. Daarbij raken geuite gevoelens van de ander je en wil je graag lichamelijk dichtbij elkaar zijn.

      In een goede relatie is er een gelijkwaardigheid van partners, goede communicatie tussen deze partners en inzet van beide partners om aan de relatie te blijven werken.

      Ook spelen culturele en maatschappelijke factoren een grote rol. Landen, gemeenschappen en religies hebben normen en waarden die aangeven welke vormen van seksualiteit worden toegestaan of afgekeurd en welk gedrag voor mannen en vrouwen wel of niet gepast is. Seksualiteit is een onderwerp dat met taboes en schaamte omgeven is, waardoor veel mensen het lastig vinden om over seksualiteit of seksuele problemen te praten.  

      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:54  
  • Biologische aspecten van seksualiteit
    • Bij de biologische aspecten van seksualiteit gaat het vooral om de geslachtsorganen. Verder spelen ook andere gevoelige (erogene) delen van het lichaam zoals de borsten, tepels, billen en de nek een rol bij seks. De werking van de geslachtsorganen staat onder invloed van zowel de hersenen als het autonoom zenuwstelsel.

      Het opwekken van erectie en lubricatie kan op twee manieren gebeuren:

      • Via lichamelijke prikkels, door het stimuleren van de geslachtsorganen of een andere erogene zone. Dit noemen we een reflexmatige erectie/lubricatie. De hersenen zijn hier niet bij betrokken.
      • Via psychische prikkels vanuit de hersenen, bijvoorbeeld door het zien van of denken aan een opwindend beeld. Dit noemen we een psychogene erectie/lubricatie.

      Ook de zaadlozing bij de man kan zowel door lichamelijke (reflexmatig) als door psychische (psychogeen) prikkels worden opgewekt. De zaadlozing bestaat uit twee fases:

      • Emissie: de sluitspier van de blaas spant zich aan en het zaadvocht, de zaadcellen en het prostaatvocht worden gemengd tot sperma.
      • Expulsie: het sperma wordt met kracht naar buiten gespoten.

      Bij het orgasme, sturen de geslachtsorganen signalen naar de hersenen die zorgen voor het orgasmegevoel. De zenuwen voor de communicatie tussen hersenen en geslachtsorganen verlaten het ruggenmerg op verschillende plaatsen, namelijk:

      • T12-L2, deze zijn betrokken bij:
        • de psychogene erectie/lubricatie
        • (man) de emissiefase van de zaadlozing
        • (vrouw) het opwekken van het orgasme via de baarmoedermond/ G-plek
      • S2-S4, deze zijn betrokken bij:
        • de reflexerectie/lubricatie
        • contracties van de bekkenboden en een orgasme gevoel
        • (man) de expulsiefase van de zaadlozing
        • (vrouw) het opwekken van het orgasme via de clitoris
      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:35  
  • Opwinding
    • Opwinding, erectie bij de man en lubricatie bij de vrouw, komt ofwel reflexmatig ofwel psychogeen tot stand. Reflexmatig loopt dit via S2-S4 in het ruggenmerg. Psychogeen loopt dit via T11-L2 in het ruggenmerg. Dit betekent globaal het volgende:

      • Bij een complete dwarslaesie van T10 of hoger is een reflexerectie/lubricatie mogelijk en een psychogene erectie/lubricatie niet.
      • Bij een complete dwarslaesie van T11-L2 is een reflexerectie/lubricatie mogelijk en een psychogene erectie/lubricatie niet of soms.
      • Bij een complete dwarslaesie van L3-S1 is zowel een reflex- als een psychogene erectie/lubricatie mogelijk.
      • Bij een complete dwarslaesie van S2 of lager of bij een caudalaesie is een reflexerectie/lubricatie niet mogelijk en een psychogene erectie/lubricatie niet of soms.
      • Bij een incomplete dwarslaesie zijn de gevolgen moeilijk voorspelbaar en verschillen heel erg per persoon.
      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:54  
  • Zaadlozing
    • De zaadlozing bestaat uit twee fases; de emissie (waarbij het sperma gemengd wordt) loopt via T12-L2 en de expulsie (waarbij het sperma met kracht naar buiten gespoten wordt) loopt via S2-S4.

      Dit betekent globaal het volgende:  

      • Bij een complete dwarslaesie van T10 of hoger zijn emissie en expulsie soms wel en soms niet mogelijk. De resultaten zijn onvoorspelbaar.
      • Bij een complete dwarslaesie van T11-L2 zijn emissie en expulsie mogelijk soms wel en soms niet mogelijk. De resultaten zijn onvoorspelbaar.
      • Bij een complete dwarslaesie ter hoogte van L3-S1 zijn emissie en expulsie mogelijk.
      • Bij een complete dwarslaesie ter hoogte van S2-S4 en een caudalaesie is emissie mogelijk en expulsie niet. Soms loopt het zaad terug in de blaas omdat de plasbuis niet goed is afgesloten (retrograde ejaculatie).
      • Bij een incomplete dwarslaesie zijn de gevolgen moeilijk voorspelbaar en verschillen heel erg per persoon.
      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:55  
  • Orgasme
    • Bij een complete dwarslaesie is het ervaren van een orgasme, ongeacht de hoogte van de laesie, in theorie niet meer mogelijk. In de praktijk blijkt toch een klein deel van de mensen met een complete dwarslaesie het orgasme te kunnen ervaren, al is dit gevoel vaak veranderd of minder sterk. De verklaring hiervoor is onduidelijk, maar waarschijnlijk speelt de 10e hersenzenuw, of nervus vagus, hierbij een rol. Dit is een zenuw die buiten het ruggenmerg de geslachtsorganen en de hersenen verbindt.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:55  
  • Seksuele leven
    • De betekenis van seksualiteit en hoe je hiermee omgaat is voor iedereen verschillend. Leeftijd, levensfase, sekse, persoonlijkheid, opvoeding en cultuur spelen een belangrijke rol in. Al deze factoren zijn van belang voor het aanpassen aan een veranderde seksualiteit na een dwarslaesie.

      Een verstoorde werking van de geslachtsorganen heeft vanzelfsprekend grote invloed op je seksualiteit. Andere gevolgen van de dwarslaesie kunnen seksualiteit ook verstoren. Door de dwarslaesie kan het lastig zijn bepaalde houdingen aan te nemen die nodig zijn voor intimiteit en geslachtsgemeenschap. Andere lichamelijke problemen die een rol kunnen spelen zijn vermoeidheid, kracht- en energieverlies, pijn, stijfheid, spasticiteit en incontinentie. Naar mate deze klachten erger zijn, kunnen zij een grotere impact op je seksualiteit hebben. Medicijnen tegen depressiviteit, pijn of spasticiteit kunnen het seksueel functioneren ook negatief beïnvloeden.

      Mentale factoren spelen ook een belangrijke rol bij de aanpassing aan veranderde seksualiteit. Dit is voor iedereen anders, maar vaak worden genoemd:

      • Negatiever lichaamsbeeld. Je kan heel erg het gevoel hebben dat je lichaam je in de steek laat. Het kan voelen of je benen niet meer van jou zijn. Bovendien gaat je lichaam er door de dwarslaesie anders uitzien: vaak worden je benen dunner doordat spiermassa verdwijnt, worden ze vaak nog bleker dan dat ze waren omdat je ze niet meer in de zon laat en wordt je buik slapper, omdat ook daar spiermassa verdwijnt.
      • Negatiever zelfbeeld. Je waardering voor jezelf als persoon kan minder worden als je niet meer zo kunt functioneren als voorheen in de verschillende rollen die je in het leven hebt, zoals die van ouder, partner, minnaar en werknemer.
      • Door de dwarslaesie gaat vaak de spontaniteit van seksualiteit verloren. Dit vormt vaak een belangrijke belemmering om hier maximaal van te kunnen genieten.
      • Ook angst voor incontinentie tijdens het vrijen kan er voor zorgen dat je seksuele activiteit vermijdt.
      • Door al deze veranderingen kun je het misschien ook moeilijk vinden om te geloven dat andere mensen je nog seksueel aantrekkelijk kunnen vinden. Hoe meer last je hier van hebt, hoe groter de impact op seksualiteit.

      Daarnaast spelen sociale factoren een rol bij seksualiteit na een dwarslaesie.

      • Wanneer je bij veel dagelijkse dingen geholpen moet worden door je partner, kunnen zowel jij als je partner het idee hebben dat de partner de rol van verzorgende of helpende overneemt en er geen ruimte is voor de rol als partner. Er kan een ongelijkwaardige relatie ontstaan. Bovendien kunnen partners overbelast raken of meer in het algemeen moeite hebben met de veranderingen door de dwarslaesie.
      • Een dwarslaesie zorgt vaak voor gedwongen rolveranderingen. Bijvoorbeeld: wanneer je door de dwarslaesie geen leidende en actieve rol kan spelen in seksualiteit terwijl je dit voorheen wel deed is dat lastig. Door de dwarslaesie moeten er vaak nieuwe manieren om seksualiteit te beleven worden ontdekt en dat gaat niet iedereen even makkelijk af.
      • Ook de communicatie kan verstoord zijn door de dwarslaesie. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat partners elkaar willen sparen door de ernst van de situatie niet te benoemen. Wanneer iemand altijd al niet makkelijk over zijn/haar gevoelens praatte, kan een heftige gebeurtenis als het oplopen van een dwarslaesie er voor zorgen dat hij/zij de neiging heeft dit nog minder te doen. Beide partners moeten zich hiervan bewust zijn om hier aan te kunnen werken.
      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:56  
  • Autonome dysreflexie
    • Bij een dwarslaesie boven T6 kan het gebruik van een vibrator (ook bij anale stimulatie), een zaadlozing (man) en het ritmisch samentrekken van de bekkenbodem (vrouw) leiden tot autonome dysreflexie. Dit is een levensbedreigende situatie waarbij de bloeddruk snel heel hoog oploopt.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 08:58  
  • Ejaculatiestoornissen
    • Wat is het?
      Het uitblijven van de zaadlozing. Soms belandt het sperma in de blaas, omdat de sluitspier van de urineleider niet goed sluit. Dit noem je retrograde ejaculatie.

      Hoe komt het?
      Afhankelijk van de hoogte en de compleetheid van de dwarslaesie is de verbinding van de geslachtsorganen naar de hersenen onderbroken en kan zowel de emissie als de expulsie verstoord zijn.

      Verschillende medicijnen die ejaculatiestoornissen kunnen veroorzaken, zoals medicijnen tegen spasticiteit, hoge bloeddruk, pijnstillers en een aantal antidepressiva. Deze medicijnen kunnen ook erectiestoornissen kunnen veroorzaken.

      Hoe voorkom je het?
      Ejaculatiestoornissen ten gevolge van een dwarslaesie zijn niet te voorkomen. Bij een incomplete dwarslaesie is het goed om na te gaan of de bijwerkingen van medicatie de oorzaak kunnen zijn van ejaculatiestoornissen.

      Hoe behandel je het?
      Een ejaculatie is nodig wanneer er een kinderwens is. Er zijn verschillende manieren om een zaadlozing te bevorderen en als er geen zaadlozing mogelijk is dan zijn er medische technieken om zaad te verkrijgen voor een bevruchting. Zie voor meer informatie vruchtbaarheidsproblemen.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:12  
  • Erectiestoornissen
    • Wat is het?
      Het niet groter en stijf (genoeg) worden van de penis om geslachtsgemeenschap te hebben.

      Hoe komt het?
      Afhankelijk van de hoogte en de compleetheid van de dwarslaesie is de verbinding van de geslachtsorganen naar de hersenen onderbroken en kan zowel de reflexmatige als de psychogene erectie verstoord zijn. Psychologische en sociale factoren kunnen ook een rol spelen bij erectiestoornissen. Denk bij psychologische aspecten aan faalangst, prestatiedruk, de angst om het eigen lichaam weer aan te (laten) raken, etc. Bij sociale factoren kun je denken aan relatie- en communicatieproblemen, angst, onwetendheid, aanpassingsproblemen (zowel bij degene met een dwarslaesie als de partner), etc.

      Verder zijn er verschillende medicijnen die erectiestoornissen kunnen veroorzaken; medicijnen tegen spasticiteit, hoge bloeddruk, pijnstillers en een aantal antidepressiva. Dit zijn dezelfde medicijnen die ejaculatiestoornissen kunnen veroorzaken.  

      Hoe voorkom je het?
      Erectiestoornissen die een direct gevolg zijn van de hoogte en compleetheid van de laesie, zijn niet te voorkomen. Psychologische en sociale belemmeringen in principe wel.

      Bij een incomplete dwarslaesie is het goed om na te gaan of de bijwerkingen van medicatie de oorzaak kunnen zijn van erectiestoornissen.

      Hoe behandel je het?
      Een erectie kan op verschillende manieren opgewekt worden:

      • Vibratormassage ter hoogte van de penis kan een reflexerectie veroorzaken. Echter verdwijnt deze meestal zodra de vibrator wordt uitgezet. Wanneer de erectie verdwijnt bij geslachtsgemeenschap, kan gebruik worden gemaakt van een ringvormige vibrator rond de basis van de penis.
      • Mannen met een dwarslaesie en erectieproblemen hebben vaak baat bij het gebruik van Viagra. Overleg met een arts voor je dit gaat gebruiken.
      • De basis van de penis kan met medicijnen ingespoten worden die een erectie veroorzaken. De dosering is erg persoonlijk en wordt samen met een arts vastgesteld.
      • Dan zijn er nog enkele technieken die zelden worden toegepast. Bij vacuümtherapie wordt er een cilinder over de penis heen geschoven en deze wordt vacuüm gepompt. Door de onderdruk in de cilinder zal er meer bloed naar de penis stromen waardoor deze opzwelt, zoals dat bij een natuurlijke erectie ook gebeurt. Door een elastische ring aan de basis van de penis aan te brengen, stroomt het bloed niet direct terug wanneer de cilinder verwijderd wordt. Een erectie kan een half uur aanhouden. Deze methode heeft geen bijwerkingen maar wordt door gebruikers slecht gewaardeerd. Weinig gebruikt wordt ook de operatie waarbij een uroloog een erectieprothese in de penis plaatst. SARS (sacrale wortel stimulatie), tenslotte wordt primair gebruikt om de blaas te ledigen, maar kan ook ingezet worden bij het opwekken van een erectie.

      Wanneer de oorzaak van de erectiestoornissen op psychologisch of sociaal vlak ligt, probeer dan na te gaan wat dit is en wat je hier aan zou kunnen doen. Met vragen naar informatie of begeleiding kun je terecht bij de huisarts, revalidatiearts, of de psycholoog of maatschappelijk werker van het revalidatiecentrum. In de meeste revalidatiecentra is ook een seksuoloog beschikbaar.  

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:39  
  • Lubricatiestoornissen
    • Wat is het?
      Het niet vochtig (genoeg) worden van de vagina om geslachtsgemeenschap te hebben.

      Hoe komt het?
      Afhankelijk van de hoogte en de compleetheid van de dwarslaesie is de verbinding van de geslachtsorganen naar de hersenen onderbroken en kan zowel de reflexmatige als de psychogene lubricatie verstoord zijn.

      Seksuele opwinding is een samenspel van biologische, psychologische en sociale factoren. Naast de biologische verstoringen veroorzaakt door de laesie, het laesieniveau en de bijkomende ervaren lichamelijke beperkingen, zijn er dus ook psychologische en sociale factoren die de opwinding kunnen verstoren. Denk bij psychologische aspecten aan faalangst, prestatiedruk, de angst om het eigen lichaam weer aan te (laten) raken, etc. Bij sociale factoren kun je denken aan relatie- en communicatieproblemen, angst, onwetendheid, aanpassingsproblemen (zowel bij degene met een dwarslaesie als de partner), etc.

      Hoe voorkom je het?
      Lubricatiestoornissen die een direct gevolg zijn van de hoogte en compleetheid van de laesie, zijn niet te voorkomen. Seksuele opwinding is echter een samenspel van biologische, psychologische en sociale factoren. Wanneer de oorzaak van de lubricatiestoornis op psychologisch of sociaal vlak ligt, probeer dan na te gaan wat dit is en wat je hier aan zou kunnen doen. Eventueel kan je hulp van een seksuoloog inschakelen.

      Hoe behandel je het?
      Het gebruik van een glijmiddel zorgt ervoor dat de penis makkelijk in de vagina gebracht kan worden. Glijmiddel voorkomt dat je kleine beschadigingen aan je vagina krijgt, zonder dat je dit voelt.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:08  
  • Niet meer beleven van een orgasme
    • Wat is het?
      Een zaadlozing en het samentrekken van de bekkenbodemspieren worden in de hersenen beleeft als orgasme.

      Hoe komt het?
      Afhankelijk van de hoogte en de compleetheid van de dwarslaesie is de verbinding van de geslachtsorganen naar de hersenen onderbroken en is de beleving van een orgasme vaak verstoord.

      Hoe voorkom je het?
      Problemen bij het orgasme ten gevolge van een dwarslaesie zijn niet te voorkomen.

      Hoe behandel je het?
      Soms kan een orgasme nog ervaren worden doordat de 10de hersenzenuw deze taak over heeft genomen. Verder kun je proberen om op andere manieren naar bevrediging te zoeken.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:04  
  • Aanpassingsproblemen
    • Wat is het?
      Het aanpassen aan de nieuwe seksuele (on)mogelijkheden en ontwikkelen van een nieuw seksueel leven na de dwarslaesie is lastig en veel mensen met een dwarslaesie blijven ook op lange termijn ontevreden met hun seksuele leven. Anderen lukt het om wel een bevredigende vorm van seksualiteit te vinden. Dit kan een langdurig proces zijn, waarin verdriet en afscheid nemen een rol kunnen spelen, niet alleen voor jou maar ook voor je partner. Het positieve aspect van zo’n aanpassingsperiode is dat er een nieuwe relationeel evenwicht tussen jou en je partner ontstaat, wat erg bevredigend kan zijn.

      Hoe komt het?
      Afhankelijk van de hoogte en de compleetheid van de dwarslaesie is de werking van de geslachtsorganen verstoord. Psychologische factoren zoals een verstoord lichaamsbeeld, faalangst, de angst om het eigen lichaam weer aan te (laten) raken, en sociale  factoren zoals relatie- en communicatieproblemen kunnen een rol spelen, zowel bij degene met een dwarslaesie als de partner.

      Hoe voorkom je het?
      Het je moeten aanpassen ten aanzien van seksualiteit is vaak niet te voorkomen. Het blijkt wel dat dit aanpassingsproces makkelijker is voor mensen die goed met hun partner over seksualiteit kunnen praten, niet vastzitten in bepaalde sekse-gebonden rolpatronen, niet alleen gericht zijn op de “echte” geslachtsgemeenschap en die met hun partner kunnen experimenteren op seksueel gebied. 

      Hoe behandel je het?
      Veel verschillende factoren spelen een rol bij seksuele problemen, en het positieve daarvan is ook dat veel factoren kunnen bijdragen aan verbetering van je seksuele leven. Zo kun je proberen je lichaamsbeeld te verbeteren door lichaamsbeweging en sporten. Hierdoor krijg je een goede ontwikkeling van je romp- en armspieren. Verder kunnen een goede houding in je rolstoel, kledingkeuze en aandacht besteden aan je uiterlijk bijdragen aan een beter lichaamsbeeld.  

      Tijdens het revalidatieproces is het belangrijk dat zorgverleners open staan voor het onderwerp seksualiteit. De revalidatiearts zal vaak het eerste aanspreekpunt zijn, maar in principe kun je bij elke zorgverlener terecht. Het is voor de meeste mensen niet makkelijk om over seks te praten en dat geldt ook voor zorgverleners, dus het kan nodig zijn om niet af te wachten en er zelf over te beginnen. Zo kan een fysiotherapeut advies geven over houdingen tijdens seks en een ergotherapeut over hoe je met een beperkte handfunctie bepaalde hulpmiddelen kunt hanteren. Soms is er een verpleegkundige met een specialisatie in seksualiteit in het team. Je kunt ook vragen om een consult bij een seksuoloog. Een seksuoloog kan grondig onderzoek doen waarbij hij alle aspecten van seksualiteit in samenhang met elkaar kan bekijken. Verder kan een seksuoloog lichamelijk onderzoek doen en medicijnen uitschrijven. Ook na de revalidatie kun je vragen over seksualiteit nog stellen tijdens een nazorg consult of vragen om een gericht begeleidingsprogramma. 

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:05  
  • Vruchtbaarheidsproblemen
    • Wat is het?
      Wanneer er na een jaar onbeschermde seks geen zwangerschap is ontstaan, spreek je van vruchtbaarheidsproblemen.

      Hoe komt het?
      Een vrouw met een dwarslaesie heeft na een 3-6 maanden (wanneer de menstruatie weer op gang is gekomen) dezelfde mogelijkheden om zwanger te raken als voor de dwarslaesie. De kans op vruchtbaarheidsproblemen is door de dwarslaesie niet groter dan in de algehele bevolking.

      Je weet nooit precies wanneer de menstruatie weer op gang komt, dus dit betekent dat anticonceptie gewenst is, indien er (nog) geen sprake is van een kinderwens. Bij het gebruik van orale anticonceptie (de ‘pil’) moet je rekening houden met de eventuele vergrootte kans op trombose. Een spiraaltje wordt vaak afgeraden in verband met infecties en verminderd of afwezig gevoel in de onderbuik. De prikpil wordt vaak afgeraden in verband met de kans op botontkalking. Bespreek de mogelijkheden met je revalidatie- of huisarts.

      Een man met een dwarslaesie heeft vaak wel last van vruchtbaarheidsproblemen. De productie van sperma gebeurt onder invloed van hormonen en gaat gewoon door. De emissie en expulsie van sperma gebeurt onder besturing van het ruggenmerg en is aangedaan door de dwarslaesie. Vruchtbaarheidsproblemen hebben dan ook vaak te maken met erectie- en ejaculatiestoornissen.

      Vaak is er bij een dwarslaesie sprake van verminderde kwaliteit van het sperma, maar de exacte oorzaak hiervoor is nog niet bekend. Verder kan het gebruik van bepaalde geneesmiddelen leiden tot vruchtbaarheidsproblemen.

      Hoe voorkom je het?
      Vroeger werd bij mannen het zaad direct na het ontstaan van de dwarslaesie ingevroren. Tegenwoordig hoeft dit niet meer. De kwaliteit van het zaad wordt direct in de eerste uren na het ontstaan van de dwarslaesie al minder. Bovendien wordt de kwaliteit van het zaad ook minder bij het ontdooien ervan. Met de medische technieken van tegenwoordig is het vrijwel altijd mogelijk om zaad te krijgen.

      Hoe behandel je het?
      Het is alleen nodig vruchtbaarheidsproblemen te behandelen wanneer er een kinderwens is. Sperma kan op verschillende manieren verkregen worden:

      • Voorwaarde om op deze manier sperma te verkrijgen, is dat je zo een ejaculatie kan hebben. Wanneer dit het geval is, is dit de makkelijkste manier.
      • Er bestaat een speciale vibrator, ontwikkeld voor mannen met een dwarslaesie, waarmee de zaadlozing reflexmatig opgewekt kan worden (FertiCare©). Na instructies en proefdraaien onder toezicht, kan deze thuis worden gebruikt.
      • Elektro-ejaculatie. Door rectaal elektrische prikkels te geven aan de bekkenbodemspieren wordt een zaadlozing opgewekt. Deze methode is zeer effectief, maar kan alleen in het ziekenhuis onder begeleiding van een arts plaatsvinden. Wanneer je nog gevoel in je bekken hebt, is deze methode zeer pijnlijk en zal deze onder narcose uitgevoerd worden. Wanneer je een hoge dwarslaesie hebt, kan dit autonome dysreflexie veroorzaken.
      • Chirurgische technieken, zoals Testiculaire Sperma Extractie (TESE). Dit wordt alleen ingezet als bovenstaande methoden niet lukken. Door middel van een punctie of kleine operatie worden zaadcellen direct uit de zaadleider of bijbal gehaald. Daarna vindt bevruchting plaats door middel van in-vitrofertilisatie (IVF) of intra-cytoplasmatische sperma injectie (ICSI).

      Vervolgens moet het sperma bij de vrouw ingebracht worden om eventueel tot bevruchting te leiden. Dit kan op verschillende manieren:  

      • Wanneer er thuis, zonder medisch ingrijpen, voldoende zaad verkregen kan worden, kun je dit zelf door middel van inseminatie hoog in de schede inbrengen.
      • Inseminatie in het ziekenhuis. Wanneer de kwaliteit van het zaad onvoldoende is, worden de zaadcellen in het ziekenhuis door inseminatie in de baarmoederholte ingebracht. Op deze manier hoeven de zaadcellen een korte route af te leggen naar de eicel. Soms wordt het zaad eerst bewerkt zodat het een betere kwaliteit krijgt en wordt het daarna in de baarmoederholte ingebracht (intra-uteriene inseminatie, IUI)

      Het is ook mogelijk dat de bevruchting buiten de baarmoeder plaatsvindt en dat er een embryo wordt teruggeplaatst in de baarmoeder.

      • IVF (in-vitrofertilisatie). Bij IVF worden de eicel en de zaadcellen in een kunstmatige omgeving samengebracht. Na bevruchting wordt het embryo teruggeplaatst.
      • ICSI (intra-cytoplasmatische sperma injectie). Wanneer de kwaliteit van het zaad onvoldoende is, kan er gekozen worden voor een ICSI procedure. Hierbij wordt een goede zaadcel direct geinjecteerdd in de eicel. Na bevruchting wordt het embryo teruggeplaatst.
      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:14  
  • Zwangerschap
    • Vrouwen hebben veel vragen omtrent de zwangerschap en gynaecologen hebben slechts weinig ervaring met dwarslaesie en zijn bang voor complicaties. Idealiter word je bij zwangerschap zowel door de gynaecoloog als door de revalidatiearts begeleid. Verder zou je gebruik kunnen maken de kennis van een ervaringsdeskundige.

      De ‘normale’ zwangerschapssymptomen zoals vermoeidheid, dikke benen, aambeien en rugklachten komen zeker ook voor bij vrouwen met een dwarslaesie. Naast deze symptomen moet je met een dwarslaesie moet je tijdens je zwangerschap extra alert zijn op je blaas- en darmbeleid om incontinentie te voorkomen, autonome dysreflexie, decubitus en trombose. Tegen het einde van de zwangerschap gaat zitten in de rolstoel en het uitvoeren van dagelijkse activiteiten soms moeizamer.

      Verder is het raadzaam om met de gynaecoloog je medicijngebruik te evalueren. Niet alle medicijnen zijn veilig voor het ongeboren kind.

      Bij de voorbereiding op de bevalling, moet er ook aandacht besteed worden aan praktische verzorging van de baby. Hiervoor kan advies ingewonnen worden bij een ergotherapeut.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:16  
  • Bevalling
    • Hoe de bevalling verloopt is afhankelijk van het laesieniveau. Wanneer je een dwarslaesie boven T10 hebt, voel je weeën en bewegingen van de baby slecht of niet en heb je kans op een vroegtijdige bevalling. Daarbij komt dat het breken van de vliezen vaak verward wordt met het gevoel van incontinentie. Bij de laatste controles moet er dus goed gekeken worden of de bevalling op het punt staat te beginnen.

      Bij een dwarslaesie op T10-T11 is vaak een keizersnede noodzakelijk, omdat je je buik- en baarmoederspieren niet sterk genoeg zijn om persweeën op te vangen. Bovendien heb je een verhoogde kans op autonome dysreflexie tijdens de bevalling.

      Bij een cauda equina kan een keizersnede ook de aanbeveling hebben, omdat er een grotere kans is op een ruptuur.

      Verder is het van belang dat bij een dwarslaesie van T6 of hoger autonome dysreflexie niet verward wordt met zwangerschapsvergiftiging (pre-eclampsie). De specialist kan dit onderscheid maken door aanvullend onderzoek te doen.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:20  
  • Na de bevalling
    • Na de bevalling is het risico op urineweginfecties en trombose verhoogd. Verder zijn er vrouwen die last blijven houden van incontinentie na de zwangerschap en bevalling.

      Tevens ben je na de bevalling weer even vruchtbaar als daarvoor. Een dwarslaesie heeft daar geen invloed op. Tref dus voorzorgsmaatregelen om niet meteen weer zwanger te raken.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:21  
  • Borstvoeding
    • Borstvoeding geven is mogelijk. Bij een dwarslaesie tussen T4-T6 kan het wel zo zijn dat de melkproductie vertraagd op gang komt. Dit komt omdat de melkproductie op gang komt door het zuigen van de baby aan de tepel. Bij een dwarslaesie is dit gevoel er niet of sterk verminderd. Een oxytocine neusspray of mentale inbeelding kan hier ondersteuning bij bieden. Ook extra begeleiding van een lactatiekundige is mogelijk.

      Laatst aangepast op 12/05/2017 09:22  
  • Bronnen
  • Verder lezen